Wat is bouwhistorisch onderzoek?

Bouwhistorisch onderzoek draagt bij tot de beschrijving van de bouw-, gebruiks- en bewoningsgeschiedenis van een gebouw.
De bouwhistoricus buigt zich over vragen als: wanneer is een gebouw gebouwd en welke veranderingen vonden er in de loop der tijd plaats? Waarom waren deze verbouwingen nodig? Hadden deze verbouwingen met de constructie van het gebouw te maken of wenste men het monument te moderniseren?

In archieven en bibliotheken zoekt de bouwhistoricus naar informatie over de constructie en datering. Oude handschriften, kaarten, foto’s en plattegronden worden bestudeerd. De bouwhistoricus beklimt zonodig steigers en ladders om ter plaatse onderzoek te doen. De bouwfysische toestand wordt geïnterpreteerd en vergeleken met gegevens uit de archieven.

Het onderzoek heeft verschillende doelen:

  1. het signaleren van historische bouwwerken en structuren;
  2. het documenteren van historische bouwwerken teneinde hun bouw-, gebruiks- en bewoningsgeschiedenis vast te leggen;
  3. het opmaken van een bouwhistorische waardestelling. Meestal werkt de bouwhistoricus met een getrapte waardestelling van schaal 1 tot schaal 4;
  4. advisering bij verbouwingen van monumenten;
  5. vergroting van de kennis van de geschiedenis van het gebouw en de bouwmethode in het verleden.

Wanneer is bouwhistorisch onderzoek gewenst?

Bouwhistorisch onderzoek voert men uit voordat definitieve plannen voor een restauratie of bouwaanvraag worden gemaakt. Het onderzoek behoort door een onafhankelijke bouwhistoricus uitgevoerd te worden en geeft een objectief beeld van de historische waarde van het gebouw.

Overheden, gemeenten en architecten kunnen een bouwhistorisch onderzoek laten uitvoeren. Geïnteresseerde privé personen kunnen desgewenst onderzoek laten doen naar de bewonersgeschiedenis en bouwhistorische ontwikkeling van hun huis.

Alle soorten gebouwen, van kastelen, stadspaleizen, herenwoningen en vierkantshoeven tot industriële complexen, komen in aanmerking voor bouwhistorisch onderzoek.

Hoe ziet een onderzoek eruit?

Het bouwhistorisch onderzoek wordt vastgelegd in een rapport. Afhankelijk van de opdracht en het gebouw komen in het rapport de volgende onderwerpen aan de orde:

Aangezien elk gebouw specifieke eisen stelt is geen rapport hetzelfde.

Een nieuw onroerenderfgoeddecreet in 2015.

Het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 werd verder uitgewerkt en vanaf 1 januari 2015 is er sprake van een overkoepelende regelgeving voor monumenten, stads- en dorpsgezichten, landschappen en archeologie.

De naam van bouwhistorisch onderzoek en een herbestemmingsplan worden in het nieuwe decreet samengevat onder de naam beheersplan.

Welke elementen maken volgens het nieuwe decreet deel uit van een beheersplan?

Artikel 8.1.4. somt de elementen op die een beheersplan moet bevatten, m.n.

  1. identificatie en kadasterplan met de afbakening van het onroerend erfgoed of
    erfgoedlandschap of van het deel ervan dat een opzichzelfstaand geheel vormt, waarvoor het beheersplan wordt opgesteld;
  2. een historische nota, die op basis van geschreven of iconografische bronnen en van archeologische of natuurwetenschappelijke bevindingen of sporen een helder inzicht geeft in de totstandkoming en ontwikkeling van het onroerend goed of erfgoedlandschap vanaf zijn ontstaan tot de huidige toestand;
  3. een inventarisatie van de erfgoedelementen binnen de afbakening. De huidige toestand wordt geïllustreerd met recente plannen en foto’s die een duidelijk beeld geven van het onroerend goed of erfgoedlandschap, of van het deel ervan dat een opzichzelfstaand geheel vormt;
  4. de situering en beschrijving van de erfgoedwaarden en de juridische toestand van het onroerend goed of het erfgoedlandschap of van het deel ervan dat een opzichzelfstaand geheel vormt, waarop het beheersplan betrekking heeft;
  5. een onderbouwde visie op het beheer van het onroerend erfgoed of erfgoedlandschap of van het deel ervan dat een opzichzelfstaand geheel vormt en de daaruit voortvloeiende beheersdoelstellingen;
  6. de opsomming en verantwoording van de concrete richtlijnen, eenmalige en terugkerende maatregelen en werkzaamheden die nodig zijn om de beoogde beheersdoelstellingen te bereiken;
  7. een voorstel over hoe en wanneer de opvolging en evaluatie van de beoogde
    beheersdoelstellingen zal gebeuren.


Karbonkelhuis in Antwerpen. Tekening uit 1802


Karbonkelhuis in Antwerpen. Na restauratie in 1993


Zicht op een gevel in Bergen op Zoom


Gerestaureerde winkels in Bergen op Zoom